Alone she cuts and binds the grain,
and sings a melancholy strain

William Wordsworth - The Solitary Reaper

 







































yon
die, dat
strain
lied
haunt
pleisterplaats
plaintive numbers
droevige liedjes
lay
lied, ballade

De reis die Dorothy en haar broer door Schotland maakten, inspireerde William tot het schrijven van zeventien gedichten. Negen daarvan nam Dorothy op in haar Herinneringen. Tot de mooiste behoort The Solitary Reaper. Aanleiding voor dat gedicht was de volgende beschrijving in Dorothy's reisverslag.
 

Toen we naar beneden liepen, kwamen we in een vruchtbaarder gebied met afwisselend struiken en open velden, boerderijen en braakland. Het was oogsttijd en kleine groepjes maaiers verlevendigden - mag ik zeggen bedachtzaam - de velden. In de meer verlaten delen van de Hooglanden zie je regelmatig één man of vrouw dit werk doet. Voor het volgende gedicht liet William zich inspireren door een prachtige regel uit Thomas Wilkinson's Tour in Scotland.

Dorothy legt haar impressie van de oogstende maaiers bij Loch Voil vast in een - voor haar doen - zakelijke notitie. Dan geeft ze snel het woord aan haar broer, en die gebruikt het landelijke tafereel om in één onvergetelijk beeld de sfeer van de Hooglanden te vatten. Bij hem is geen sprake van 'kleine groepjes maaiers', zoals bij Dorothy, maar van één solitary reaper. 'Alleen snijdt en bindt zij het koren, en zingt een lied weemoedig om te horen.' Het stemgeluid van het meisje vult de hele vallei, staat in het gedicht, en breekt daar de stilte zoals de koekoek na de lange donkere winter de stilte op de afgelegen Hebriden breekt. Waarover zou deze maaister zingen, vraagt de dichter zich af? Over trieste gebeurtenissen van lang geleden en ver weg, misschien? Over lang voorbije veldslagen of over alledaagse dingen, over verdriet en pijn die is geweest en ooit weer komen kan?  

                        The Solitary Reaper

Behold her, single in the field,

Yon solitary Highland Lass!

Reaping and singing by herself;

Stop here, or gently pass!

Alone she cuts and binds the grain,

And sings a melancholy strain;

O listen! for the Vale profound

Is overflowing with the sound.

 

No Nightingale did ever chaunt

More welcome notes to weary bands

Of travellers in some shady haunt,

Among Arabian sands:

A voice so thrilling ne'er was heard

In spring-time from the Cuckoo-bird,

Breaking the silence of the seas

Among the farthest Hebrides.

 

Will no one tell me what she sings?—

Perhaps the plaintive numbers flow

For old, unhappy, far-off things,

And battles long ago:

Or is it some more humble lay,

Familiar matter of to-day?

Some natural sorrow, loss, or pain,

That has been, and may be again?

 

Whate'er the theme, the Maiden sang

As if her song could have no ending;

I saw her singing at her work,

And o'er the sickle bending;—

I listened, motionless and still;

And, as I mounted up the hill,

The music in my heart I bore,

Long after it was heard no more.

 
Al lang voordat de Wordsworths naar Schotland gingen koesterden ze grote belangstelling voor de orale cultuur van dat land, voor de verhalen en liederen die de bewoners over de eeuwen heen op feesten en bij het haardvuur doorgaven aan elkaar. Schotse dichters als Robert Burns behoorden tot hun favorieten. Op de vierde dag van hun verblijf in Schotland bezochten ze zijn graf in Dumfries. Tegen het eind van hun tour brachten ze een bezoek aan Sir Walter Scott, verzamelaar van historische balladen. Luisteren naar Schotse verhalen en liederen in het land van herkomst, was één van de redenen om op reis te gaan. In The Solitary Reaper vat William zo'n beetje de hele balladencultuur samen door de belangrijkste thema's van de oude Schotse liederen op te sommen. Tegelijk weet hij hun melancholieke toon op te roepen door een meisje te laten zingen dat koren maait, 'helemaal alleen in het veld'. Hij benadrukt haar alleen-zijn - wat iets anders is dan eenzaamheid - in de uitgestrekte heuvels door associatie met lege woestijnen en geïsoleerde eilanden. Door haar zang te vergelijken met het zingen van de koekoek en de nachtegaal, suggereert hij ook dat dit menselijk wezen net zo onderdeel uitmaakt van haar natuurlijke omgeving als deze welluidende vogels.   

Weemoedigheid
Dorothy schijft dat William zich voor The Solitary Reaper had laten inspireren door 'een prachtige regel uit Thomas Wilkinson's Tour in Scotland'. Wilkinson, een kennis van de Wordsworths, had Schotland zestien jaar eerder bezocht en in zijn reisverslag de volgende impressie geschreven:

We kwamen langs een vrouw die in haar eentje koren maaide, ze zong in het Erse, gebogen over haar sikkel, de lieflijkste menselijke stem die ik ooit had gehoord. De liederen die zij zong, waren teder en melancholiek, en bleven klinken, lang nadat ik ze al niet meer hoorde. 

Deze regels las William twee jaar na zijn eigen verblijf in Schotland. Zelf had hij geen zingende, eenzame korenmaaister gezien, alleen groepjes van maaiers. Een aanwijzing daarvoor is de opmerking van Dorothy dat je 'in meer verlaten delen van de Hooglanden één man of vrouw dit werk ziet doen'. Ergens anders dus dan bij Loch Voil. Ze schrijft ook niet dat de landarbeiders zongen. Dat zullen ze dan ook niet hebben gedaan, Dorothy zou de kans om zo'n pakkend tafereel in detail te beschrijven nooit laten schieten. Haar summiere notitie suggereert dat wat zij zagen niet heel bijzonder was en daarom geen bijzondere indruk maakte. Er was een sprekend beeld voor nodig uit een ander reisverslag om William aan te zetten tot het schrijven van een gedicht waarin alles samenvloeit wat hij en zijn zus in Schotland hadden ervaren: van onverwachte ontmoetingen met Highlanders in desolate landschappen, de muziek van hun taal - het Erse -, de klank van hun balladen, en vooral de weemoedigheid waarvan het land van turf, regen en spectaculaire avondluchten doortrokken was.

Symbolische voorstelling
Wordsworth leende voor zijn gedicht een beeld van Wilkinson en verhief dit tot een symbolische voorstelling van het traditionele Schotse leven. Om dat te bereiken zette hij met zijn verbeelding de inhoud naar zijn eigen hand. Maar dat niet alleen. Hij versterkte het Schotse karakter van The Solidary Reaper ook door zijn vormkeuze. Het gedicht bevat veel elementen van de ballade, zoals de opbouw in vier strofen van acht regels, het rijmschema (overwegend ababccdd), het metrum (een jambische tetrameter - elke regel telt vier voeten bestaande uit een onbeklemtoonde gevolgd door een beklemtoonde lettergreep), het mannelijk rijm (de regels eindigt met een beklemtoonde rijmende lettergreep), de archaische woorden (yon, chaunt) en de vierregelige uitsmijter: de zogenoemde envoi.

Over The Solitary Reaper kun je in feite hetzelfde zeggen als wat William zei naar aanleiding van de kleine jongen die hij en zijn zus twee weken eerder bij Loch Lomond hadden zien staan, alleen op een heuvel, in de mist, bij het vallen van de avond, terwijl hij in het Keltisch zijn koeien bijeen riep. Volgens Dorothy noemde haar broer dat tafereel toen 'een tekst die in zichzelf de hele geschiedenis van het leven in de Hooglanden bevatte - de weemoedigheid, de eenvoud, de armoede, het bijgeloof en vooral het mysterieuze dat zijn oorsprong vindt in een bovenaardse werkelijkheid.' Net zo kun je het tafereel van het meisje bij Loch Voil, alleen op een heuvel, zingend in het Erse tijdens het snijden van het graan, lezen als een emblematische tekst, als een beschrijving van iets kleins, van een detail, dat staat voor iets groters, voor een geheel.   


 
naar boven
                     <<<