Geen rozen maar een kikker

 


      haiku maken is
      onthecht een gezwaluwstaart
      kistje timmeren

Hans Waleveld

 

Die roem van Basho kwam misschien niet eens voort uit de diepere inhoud van het gedicht, als wel uit de originele vorm. Een leerling van hem beschreef enkele jaren na het onstaan van het gedicht hoe dat in zijn werk was gegaan.

Het is lente, Basho verblijft in zijn hut aan de rivier. Het regent zacht en hij hoort er het diepe koeren van duiven. Een lichte bries waait de kersenbloesems van de bomen. Het is tegen het einde van de Derde Maand waarin het geluid te horen is van kikkers die in het water springen. Dit inspireert de dichter tot de volgende twee regels:

een kikker springt
geluid van water

Aan zijn leerlingen vraagt hij deze haiku af te maken met een derde regel. Ze komen met suggesties als 'tussen kerriarozen', 'in de avondschemer' en 'in de eenzaamheid': allemaal overbekende beelden in de Japanse poezie van die tijd. Basho zoekt een originelere oplossing. Hij verwerpt de gele kerriarozen als seizoenwoord voor de lente. Hij komt ook niet met een alternatief als 'snelstromend water', een al even veelgebruikt lentewoord. In plaats daarvan kiest hij voor het beeld van de stille vijver. Daarbij laat hij de kikker niet, zoals gebruikelijk, 'smartelijk zingen', maar is hij de eerste dichter die het beest laat springen.

 

 
naar boven